99 Bloed

Er is niets aan de hand. Ik heb een afspraak in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis om bloed te laten prikken. Eigenlijk heb ik morgen een afspraak, met de charmante Franse verpleegkundig specialist Tillier om de PSA-waarde te bekijken en daarvoor moet ik vandaag bloed prikken. Zo gaat het al een paar jaar en er is niets aan de hand. De PSA-waarde is zo laag en de verdubbeling zo traag dat ik al drie keer dood ben voor er van enig gevaar sprake kan zijn, maar er zijn nog wel een paar praktische ongemakken waar ik over wil praten.

Vlak voor vertrek heb ik op mijn werk nog een mooie bemiddelende rol in een slepend conflict op een andere afdeling, het kan nu eenmaal niet altijd tegen zitten en op het moment van vertrek raak ik nog met twee oudere jongens in gesprek over onze oudemannenkwalen. Het is een vrolijk gesprek, het kan nu eenmaal niet altijd tegen zitten en opgemutst vertrek ik naar het ziekenhuis, waar een enorme verbouwing aan de gang is. Hierdoor moet ik een heel eind omrijden door Slotervaart, waar op dit stuk prachtige huizen staan, zie ik nu. Ik penetreer het ziekenhuisterrein via een andere ingang en parkeer de Volvo. Ik loop langs de nieuwe monumentale façade en via de draaideur kom ik op vertrouwd terrein in de grote hal.

Balie drie en de bloedafname zitten niet meer op hun plek, ik volg de borden en kom bij een nieuwe balie, waar ik een nummertje trek en op mijn beurt wacht. Ik blader is een glossy die ik nog niet ken: L’Officiel. Eerst pagina’s lang dure reclames en dan hele mooie chique dames. Voor wie wordt dit soort bladen gemaakt, voor mannen? nee, voor vrouwen? welke vrouwen? Ik kijk om mij heen en zie een andere wereld. Dan ben ik aan de beurt en ik meld mij met mijn naam en kaartje. De zuster achter de balie noemt mijn naam en vraagt mijn geboortedatum. Alles klopt. Dan noemt zij een aantal afspraken die ik zou hebben met ene dokter Quirentel. Ik heb geen afspraken met Q en zeker niet op genoemde data. Ik vertel haar de afspraken die ik op mijn kaart heb staan. Zij persisteert en noemt weer mijn naam en geboortedatum. Met vraagteken. Ik bevestig dat ik dat ben, waarop zij de foute afspraken herhaalt. Ik besluit dat het mij niet interesseert wat er in haar computer staat en zeg:
– Ik kom alleen bloedprikken voor de afspraak met mevrouw Tillier, morgen.
– PSA? vraagt zij nu gelukkig.
Ik bevestig dat en krijg drie plakkertjes met mijn gegevens.
– U wordt zo opgeroepen.
Ik blader nog even door L’Officiel, maar kan er geen contact mee krijgen. Dan ben ik aan de beurt.

Met veel zwier en behendigheid wordt mijn arm ontbloot, afgebonden en geprikt. Watje erop, wilt u daar even op drukken en ik ben al weer klaar. Ik loop terug de grote hal in waar veel mensen zitten te eten, te lezen, te praten of gewoon te wachten. Gewone mensen, met een rollator of met een slecht zittend haarstukje of een hoofddoekje om hun kaalheid te verbergen en plotseling overvalt mij een mateloze eenzaamheid. Een gevoel van verdriet en melancholie. Het slaat aan door de kwetsbaarheid van al deze mensen, die uit hun gewone leven gerukt zijn en nu een broodje kaas of een kroket eten in het AVL. Ik denk aan een reportage van gisteren over een jongen van 47 die dood gaat aan uitgezaaide prostaatkanker. En ik voel trots omdat hij daarbij een camera durft toe te laten en ons laat delen in zijn verdriet en machteloosheid. En ik besef hoeveel geluk ik heb gehad dat het bij mij op tijd ontdekt is en dat ik op tijd geopereerd ben en dat het nu alleen maar lastig is en vervelend en niet meer gevaarlijk of bedreigend. Ik haal mijn auto op en hoef niets te betalen omdat mijn bezoek te kort is geweest. Ik rij naar buiten en voel een sterke behoefte om heel hard te gaan rijden en dan aangehouden te worden en dan te zeggen:
– Nee, ik heb geen haast, ik vind het gewoon lekker.
Ik doe het niet. Ik rij rustig naar huis en de melancholie gaat mee.

Ik zie langs de N 247 een boer op een tractor scheef langs de sloot rijden en de prut uit de sloot scheppen, meter voor meter, traag door oneindig laagland. In Monnickendam rij ik achter een blauw busje met de tekst Uw was Onze zorg. Ik rij naar de haven en haal daar mijn gestoomde pak op. Het is keurig in plastic verpakt met groene kartonnetjes eraan. Donkerblauw, Hugo Boss, twintig euro in de kringloopwinkel, vorig jaar. Ik ben vroeg thuis en er is veel parkeergelegenheid. Ik hang het pak en mijn jasje op en ga achter de computer zitten. Straks ga ik Sofieke van de naschoolse opvang halen. Daarna gaan we eten, cordon blue met aardappels en sperziebonen. Er is niets aan de hand. Nog niet.

Ate Vegter, 29 september 2015

Advertentie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s