182 Op de helft

Het is behoorlijk vervelend dat ik uitgerekend vandaag weinig tot geen inspiratie voel om een stukje te schrijven. Er is genoeg aanleiding en er zijn genoeg onderwerpen die opgewekt zouden kunnen stemmen. Mijn schoonmoeder is jarig, het is mijn laatste werkdag van het jaar, morgen begint de kerstvakantie, daarmee zeg ik twee keer hetzelfde. Als het ooit zover komt dat dit stukje af is dan ben ik op de helft van de afspraak met Alje: 364 stukjes in een jaar.

Ik ben op de helft en nog nooit ging het zo moeizaam. In het begin van dit halve jaar, op 20 juni, toen het allemaal begon, heb ik mij voorgenomen om over drie dingen niet te schrijven: niet over onze relatie, dan zouden de stukjes veel te lang worden, niet over mijn werk, dan zouden de stukjes veel te saai zijn voor buitenstaanders, hoewel ik Het Bureau nog niet gelezen heb, dat zou kunnen inspireren, en niet over het schrijven zelf. Daar heb ik al een aantal malen tegen gezondigd, omdat het inmiddels toch belangrijk is geworden om daar af en toe iets over te zeggen. Ik wilde er niet over schrijven omdat ik mij dan schaar in die vreselijke rij van Renate-Dorresteinachtige zeurpieten die over hun writers block gaan lamenteren. Nee, dan liever de lucht in of een dag overslaan. Maar vandaag moet het toch even. Het loopt vast op de helft. Ik heb erg genoten van de wat langere verhalen in meerdere stukjes en kon ook veel plezier beleven aan het schrijven over ooms en tantes en huurders en kleine jeugdzonden. En ik ben pas bij de jongensjaren…

Er gaat nog een hoop gebeuren, maar nu, op dit moment zit het zo vast als een huis. Mijn enige troost dat ik mij ook na mijn zesde stukje afvroeg, waar moet ik morgen over schrijven, ik weet niks meer, en na stukje 129 had ik dat ook. En nu weer. Ondertussen ben ik wel mooi op de helft. Op de schrijfcursus ben ik bezig met – ja hoe moet ik dat nou zeggen. Ik leer er bijvoorbeeld natuurlijk eigenlijk wel meer af dan bij, zoals bijvoorbeeld minder de woorden bijvoorbeeld eigenlijk natuurlijk bijvoorbeeld gebruiken. Om nog maar niet te spreken van ontkenningen en het woordje wel en de woordjes wel en en.

Ik schrok er eigenlijk van. Ik schrok ervan. Maar het is grappig om zo de beide versies naast elkaar te lezen. Mijn versie en de uitgeklede bedoel ik. Ach, misschien is het ook gewoon de winterschilder die langs komt dat het even niet zo soepel gaat. Je kunt ten slotte niet elke dag, tja wat kun je nou eigenlijk niet elke dag doen? Ik zou het niet weten. Nou ja, eigenlijk wel. Ik heb mij vandaag afgevraagd waarom er geen nationale schoonmoederdag is, want daar zou ik erg voor zijn. Maar dat vraag je je niet elke dag af. Maar goed, de Volvo is gepoetst, ik ga vandaag geen woord te veel schrijven.

Ate Vegter, 22 december 2015

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s