267 Bleekers Zomer in de Volvo

Ik heb lekker gewerkt en ik rijd naar huis terwijl de zon nog schijnt. In Broek in Waterland rij ik nog even langs de Kringloopwinkel. Op de deur hangt een groot plakkaat: In verband met een gemeentelijke regeling kunnen wij geen spullen meer aannemen behalve platen, kleren en nog zo een paar dingen die ze altijd wel kwijtraken. Boeken nemen ze al niet meer in weet ik. Ik loop naar de bibliotheek en struin rond. Er is bijna niets leukers om te doen. Ik vind Het zwijgen van Maria Zachea van Judith Koelemeijer, Montijn van Dick Ayelt Kooyman, Bleekers Zomer, het debuut uit 1971 van Mensje van Keulen en nog een oude Eric de Noorman. Een mooie oogst en met een goed gevoel ga ik naar de kassa, waar ik vraag waarom ze geen spullen meer mogen aannemen. Het blijkt dat de gemeente afvalbelasting wil heffen op de spullen die ze niet verkopen. Dat is heel kortzichtig van de gemeente want nu kunnen onze burgers ook geen spullen meer aanbieden aan de kringloopwinkel die wel verkocht worden en wordt er meer weggegooid. Een averechts effect noemde mijn moeder dat vroeger, want die heeft verstand van breien. Dat begrijpt de gemeente ook wel, maar regels zijn regels. Het duurt even voor ik mij realiseer dat Broek ook onder gemeente Waterland valt. Er in zelfs. Dat had ik niet verwacht van onze gemeente. Dat ze het kind met het badwater weggooien met een beroep op de regels. Nou ja, ik laat het achter mij en rijd opgewekt naar huis, tot aan de afslag Monnickendam, waar mijn koppelingskabel breekt. Gelukkig kan ik de Volvo (ik wentel betekent dat) nog net op de voormalige bushalte wentelen, want zonder koppeling kun je niet schakelen en zonder schakelen is zo’n auto een heel gevaarte. Ik bel met de Wegenwacht. Die zal er binnen een uurtje zijn. Mooi, kan ik Bleekers Zomer lezen. Wat een leuk boek. Helemaal sfeer jaren zestig en wat heeft die Mensje een leuke stijl. Ik ken haar eigenlijk alleen vanuit de dagboeken van Hans Warren, waarin ze nogal afgezeken wordt omdat ze zo zeurt volgens Hans, maar ze schrijft leuk, kan ik nu zelf vaststellen. Ondertussen lopen de appjes over onze kampeerreünie op 16 april binnen. Ah! Daar is de ANWB.

– Meneer Vegter? Tenminste dat neem ik aan, zo begroet hij mij. Ik leg uit wat er aan de hand is, ondertussen mij realiserend dat deze man, net als de mensen bij Apple, heel vriendelijk is. We bespreken het probleem en besluiten dat hij mij naar de garage zal slepen. Daar staan de Boomjongens al glimlachend te wachten. Het gaat allemaal goed komen, weet ik nu. De Wegenwacht brengt mij dan nog naar huis en als beloning voor zijn hulp vertel ik hem over ons mooie Monnickendam. Om kwart over zes ben ik thuis, waar het eten precies wordt opgediend. Aardappels met sperziebonen en karbonade. Mijn lievelingsgerecht. Het is een prachtige dag.

 

Ate Vegter, 17 maart 2016

 

atevegter.wordpress.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s