274 Johan Cruijff: voetbal en taal

Voor de mensen wie hem persoonlijk kennen ligt het misschien nog anders, maar voor de mensen wie hem wel kennen maar niet persoonlijk blinkt Johan Cruijff uit in twee dingen. Kijk, dat zijn dus voetballen en zijn bijzondere taalgebruik. Gedurende mijn hele leven al roept iedereen onmiddellijk Johan Cruijff, wanneer ik in het buitenland ben en vertel dat ik uit Nederland kom. Er is denk ik geen andere Nederlandse naam die in het buitenland meer bekendheid geniet. Alhoewel ik wel wil toegeven dat het de laatste jaren enigszins begint te tanen en ze tegenwoordig niet zo vaak meer over Cruijff beginnen. Nou ja, dat mag ook wel als je bedenkt dat hij zijn actieve voetbalcarrière al 32 jaar geleden bij Feyenoord heeft afgesloten, met het behalen van de landstitel èn de KNVB-beker, dat wel. Daarna heeft hij nog lang en intensief gewerkt als trainer in Nederland en daarbuiten en ook in die rol blijft het succes niet uit. Op een gegeven moment – en un momento dado – gaat hij werken als commentator bij de televisie, waar ook zijn analyses legendarisch worden, doordat hij op vragen vaak een wel zo helder en toch zo ingewikkeld antwoord geeft dat iedereen vervolgens stilvalt: Iedereen begrijpt dat hij gelijk heeft, maar niemand kan het vatten en niemand durft te zeggen dat hij er niets van begrijpt. Iedereen bevestigt wat hij zegt, maar niemand kan het herhalen. Daar beginnen ook zijn eerste echte Cruijffianismen furore te maken. Je moet schieten, anders kun je niet scoren; je hoeft niet snel te zijn, je moet op tijd vertrekken; als je niet van ze kan winnen, dan moet je zorgen dat je niet van ze verliest. Allemaal om te smullen en dit zijn dan alleen nog maar de bekendste. Hij heeft er een paar boekjes mee volgeschreven en ik zou dat niet allemaal achter elkaar lezen, een hele appeltaart in een keer is ook niet lekker, maar het is wel leuk om af en toe eens door te bladeren. Cruijff behoort wat mij betreft wel net als Bowie tot die categorie onsterfelijken waarvan het niet zomaar te vatten is dat ze er niet meer zijn. Het maakt ook niet zoveel uit: hun fysieke aanwezigheid speelt een veel kleinere rol in je leven dan hun roem. Je kunt de wedstrijden nog zien en de platen nog draaien. Er is beeld en geluid genoeg. Toch is het een groot verlies en ondanks zijn grenzeloze optimisme in de strijd tegen kanker: “Ik sta twee nul voor in de eerste helft van een wedstrijd die nog niet afgelopen is. Maar ik weet zeker dat ik als winnaar uit de strijd kom,” ondanks die winnaarsmentaliteit die hem zijn hele leven heeft geholpen, mocht het dit keer niet zo zijn en moeten we nu toch vaststellen dat de wedstrijd gespeeld en ook de blessuretijd voorbij is en dat het laatste fluitsignaal geklonken heeft. Nummer 14 mag shirtjes wisselen.

 

Ate Vegter, 24 maart 2016

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s