368 Een huis zonder hond

Onze konijnen Stevie en Micky hebben het goed. Ze hebben twee hokken en daar hoeven ze niet in. Eén hok staat buiten en één hok staat binnen. In twee deuren zit een kattenluikje en dat begrijpen konijnen ook heel goed. Ze mogen eigenlijk altijd loslopen. Vroeger door het hele huis, maar sinds ze de vensterbank hebben aangeknaagd mogen ze niet meer in de woonkamer. Ze knagen trouwens aan alles. Plinten, snoeren, schoenen, overhemden en jasjes die over een stoel hangen, niets is veilig. Ook laten we ze altijd de kerstkaarten aanknagen als speciale dierengroet aan de andere huisdieren. Toch zijn ze maar tweede keus. Eigenlijk willen Laura, Sofieke en ik allemaal liever een kat. Er gaat qua huisdier niets boven een kat. Lees bijvoorbeeld maar eens de aaibaarheidsfactor van Rudie Kousbroek of De kat in de Boekenkast. Ook Remco Campert en Kees van Kooten hebben veel over hun katten geschreven. En Sylvia Witteman schreef over haar achterlijke kat Lola. Kattenverhalen doen het altijd goed. Ik heb ook jaren lang een kat gehad, Pluis, een tijdje zelfs zeven, toen ze een nestje had gekregen: Stevie, Woody, Micky, Andy, Humphrey en Elvis. Die zijn allemaal uitgezworven en een tijdje later kreeg ik een kleindochter van Pluis terug: Spatje. Ook rooie kater Scarlet is nog heel kort kat aan huis geweest. Maar opeens was ik allergisch voor katten geworden en kreeg ik jeuk en niesbuien van alle katten, die juist dan graag bij je op schoot willen. We hebben het een tijdje terug nog geprobeerd, toen konijnen Jeroen en Juliette dood en begraven waren. Maar helaas ging het niet. Gelukkig kon de jonge telg bij de overbuurvrouw terecht. En waarom eigenlijk geen hond, vraagt Els V. zich af, schrijf daar nou eens een stukje over. Wel, de hond staat op stapel. Hij is welkom, na mijn pensioen, want dan kan ik hem drie keer per dag uitlaten en hij mij. Het liefst wil ik dan een Keeshond of een vuilnisbak en graag een arme sloeber uit het asiel met een gouden hartje. Of een Golden Retriever, voor bij het Hemmeland, want die wil zwemmen. Maar dat moet dus allemaal nog even wachten. Of zoals Sofieke het laatst zo subtiel formuleerde, toen iemand naar onze huisdieren vroeg: Ja, we hebben nu twee konijnen, maar als papa met pensioen gaat krijgen we een hond en als papa dood gaat nemen we een kat, want hij is allergisch, dus dat kan nu niet.

 

Laatst vroeg Sofieke:

– Papa, mogen we een cavia, als de konijnen dood zijn?

– Ja, maar dan nemen we er wel twee, want het is niet goed als de cavia alleen zij (Gen. 2:16)

– Ja, dat vind ik ook, papa.

Even later:

– Papa, ik vind het zo erg dat de konijnen nog niet dood zijn.

– Waarom, ze zijn toch lief?

– Ja, maar dan mag ik een cavia, en die wil ik nog liever, want die kun je wat leren.

 

Ate Vegter, 17 juni 2016

 

http://www.atevegter.wordpress.com

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s