904 Kom mee naar buiten

Voordat de kou toeslaat is het zaterdag opeens lente. Heel even maar, maar toch. De deuren gaan open en Lief gaat aan het werk in de tuin. Onkruid groeit immers gewoon door, zegt ze, ook in de winter. Het zou verboden moeten worden, maar de biologie is onverbiddelijk. Ook Tommy stapt voorzichtig de wijde wereld in. Hij is al eens eerder buiten geweest, de konijnen achterna, maar konijnen interesseren hem niet, nu de wereld zo groot blijkt.

Dat had hij nog niet eerder gezien. Meestal joegen we hem vrij snel weer naar binnen, vanuit de gedachtengang dat een poes zich beter aan het huis hecht, naarmate je hem in het begin langer binnenhoudt. Is allemaal onzin vermoedelijk, of het is waar. Ik weet het niet, maar Tommy heeft vorige week een je-weet-welbehandeling ondergaan. Hij is nu veilig voor de buurt en zal niet snel in een onverkwikkelijke me-toosituatie belanden. Zijn belangstelling voor het andere geslacht zal afnemen naarmate zijn vadsigheid toeneemt en vermoedelijk is dat wederwijds. Wel zijn zijn territotiale aanspraken overeind gebleven en we zien hem eigenlijk voor het eerst blazen op het moment dat hij buurkater Bob ontdekt, die regelmatig in onze tuin komt struinen, wat nu toch wel afgelopen moet zijn, vindt Tommy. Het ziet er aanvankelijk nog uit als een vriendelijke kennismaking, maar het zijn toch meer omtrekkende bewegingen voordat de eerste schermutselingen plaatsvinden. Ze jagen achter elkaar aan en verblijven geruime tijd samen onder de omgekeerde boot van de buurvrouw. Dat verbroedert kennelijk. Een spannende tijd voor Tommy en Bob en voor ons. Afwachten maar. Dan schieten ze plotseling onder de boot vandaan. Ze hebben een gezamenlijke vijand ontdekt en niets is gunstiger voor een hechte broederschap dan dat. Samen gaan ze achter een dikke rode kater aan. Het lijkt even het begin van een mooie vriendschap, maar dan wordt ook Bob zelf van het eigen erf gejaagd. Tja, ze moeten het zelf maar uitzoeken.

Even later probeer ik Tommy met rammelende brokjes naar binnen te lokken. Hij kijkt wel, maar hij komt niet. Dan pak ik het rode laserpennetje. Onmiddellijk schiet hij eropaf en is in no time weer achter de deur. Fijn, zo’n geconditioneerde poes. Bob en Tom, een mooi stel. Even bedenk ik nog dat ze vernoemd lijken naar de tweeling van Jan Wolkers. Het is niet zo, maar het is een mooie literaire gedachte, waarmee Tommy ook zijn plaats in de literatuur misloopt.

Ate Vegter, 7 januari 2018
www.atevegter.wordpress.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s