944 Bedrijfsuitje in de jaren vijftig

Ik ken de foto niet, maar herken onmiddellijk mijn ouders. Ze staan in het midden. Het is die man met die lichte jas, die achter die gehurkte man met hoed staat. Mijn moeder staat naast hem, in een donkere jas, lachend. Het is haar lach en zijn houding waardoor ik zeker weet dat zij het zijn.

Ik krijg de foto via een nichtje, die hem op Facebook tegenkomt op de pagina Midden Groningen vrouger (vroeger). Midden Groningen is de gemeente waar Sappemeer onder valt, waar mijn ouders in die tijd wonen en werken. Mijn vader is vertegenwoordiger in wijnen en limonades, reiziger staat er in zijn paspoort. Hij werkt in het bedrijf van zijn kalfbroer, de eerste man aan zijn rechterkant, voor de kijker links. Mijn opa overlijdt wanneer mijn vader twee jaar oud is. Mijn oma trouwt dan met de weduwnaar van haar overleden zus. De kinderen uit deze beide gezinnen, de Mulders en de Vegters, neven en nichten, worden door dit huwelijk van hun ouders kalfbroers en -zussen van elkaar. Het is altijd een van de topverhalen van mijn vader wanneer hij het verschil tussen een halfbroer en een kalfbroer gaat uitleggen.

Ik ken mijn ouders eigenlijk nauwelijks zoals ze op deze foto staan. Dat is ook niet zo vreemd want de foto is uit de jaren vijftig en ik ben er nog niet of net wel. Het precieze jaar is onbekend. Ook de lokatie is onbekend, maar zal mogelijk iets met de luchtvaart te maken hebben. Misschien dat iemand de plek herkent. Ik ben wel benieuwd waar de foto vandaan komt, en of er nog meer mensen op staan die ik ken. Van mijn vaders collega’s ken ik alleen goede vriend Meint Vogel, die op jonge leeftijd verongelukt en Krol, een lange man met donkere krullen en een Kever. Zij gaan wel samen met mijn ouders op vakantie, meen ik mij te herinneren. Mijn oudste broer moet dat allemaal nog wel weten. Hij was er meer bij dan ik. Het ontroert mij wel mijn ouders zo te zien, in hun gloriejaren. Als ik het mag gokken, dan is mijn vader ouderling en zit hij op de gymnastiekvereniging. Mijn moeder zingt de Mattheüs in het Bachkoor. Mijn broertje zingt later als onschuldig lam in het jongenskoor. Het zijn de jaren waarover mijn vader later eindeloos zal lezen in het boek Prediker: ‘Geniet het leven met de vrouw die gij liefhebt…’ Het genieten straalt er vanaf.

Er zijn nog geen spijkerbroeken of andere moderne fratsen te zien. Collega’s spreken elkaar nog aan met de achternaam. Iedereen rookt nog en begint steeds meer te drinken. Een gouden tijd voor de wijnhandel, mijn ouders en ons gezin. Het zijn de jaren van onschuld en geloof, voordat de moderne tijden aanbreken, die wij zo goed kennen als de ontbolsterende jaren zestig. Dan is alles voorbij.

Ate Vegter, 15 februari 2018
www.atevegter.wordpress.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s