1298 Sport op zondag

Het is zondagmorgen, tijd om te sporten. Ik ben al aan de late kant. Werd pas om zeven uur wakker en dan is de dag al bijna voorbij. Dan de dieren voederen, koffiezetten en een stukje knallen. Dat knallen heb ik ook niet van mijzelf maar van Ischa Meijer, uit de roman I.M. van Connie Palmen: Even een stukje knallen, zegt-ie wanneer er weer een Dikke Man moet komen. Hij schrijft ook even over zijn filosoofje, maar Connie raadt hem toch aan haar er weer uit te schrijven.

Na het schrijven douchen, aankleden, tas pakken en op de fiets. Het is koud, maar heel erg lekker koud. Alsof we vanmiddag nog gaan schaatsen, wat heel onverstandig zou zijn. Van de week zal het er wel van komen. Ik heb net gisteren mijn schaatsen laten slijpen.

Het is rustig en stil op de sportschool. Er zijn precies genoeg mensen, niet te veel en niet te weinig. Ik draai mijn rondjes en geniet van de muziek. Weliswaar ben ik al te laat voor het uurtje klassiek van acht tot negen, maar goed, je kan niet alles hebben en deze muziek is ook lekker. Boven klinkt gerommel van een les voor mensen die meer willen.

Ik mis Joris. Hij was gisteren jarig, 50 werd-ie, maar dat is toch geen reden om onze zondagse afspraak te verzaken. Misschien heeft-ie niet elke week zondagsdienst, Ate, dat zou zo maar kunnen, toch? Ja, dat zou zo maar kunnen, maar toch mis ik hem. Gelukkig ben ik alweer klaar. Ik kleed mij om. In de kleedkamer maak ik een alleraardigst praatje met een andere sporter. Precies een goed praatje, niet te lang of te onbenullig, maar zeg maar gewoon goed. Oké, ik zal zeggen waarover. Over hoe lekker het is om gesport te hebben en ook nog even over vroeg opstaan en ouder worden. Dat je dan minder slaap nodig hebt en zo. Precies goed.

Ik laat mijn kaartje aftekenen en val midden in een gesprekje over touwtjespringen:
‘Hoe lang geleden heb jij touwtje gesprongen, Ate?’
‘Tja, dat is toch alweer even geleden.’
‘Lijkt het je niet leuk om te kijken hoe het er nu mee staat?’
‘Het lijkt mij heel leuk om te kijken.’
Gelach. Ik ben niet zo’n doener.
‘Fijne dag!’

Ik fiets naar huis. Het zit er weer op. Onderweg zie ik een lief bankje dat omgegooid is en een bloembak die kapotgetrapt is. In de verte luiden de klokken van de katholieke kerk. Toch goed dat er een God is.

Ate Vegter, 21 januari 2019

Heb je het ooit zo zout gegeten:
www.atevegter.wordpress.com/98

2 Comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s