1727 Thuisblijven toen

In de derde klas van de mulo moet ik plotseling zes weken thuis blijven. Ik ben met gymnastiek hard tegen een stok aan gelopen en heb nu een voetbalknie. Een onbenulliger ongeluk kun je je niet voorstellen. Ik kan helemaal niet voetballen, maar een voetbalknie krijgen kan ik wel. Daarvoor hoef je niet van voetballen te houden, blijkt.

Ik slaap ’s nachts gewoon in mijn bed, maar overdag mag ik beneden in de achterkamer op de divan, bij de bakelieten telefoon en de buizenradio met daaronder de telefoongids en de blauwe zaken- en beroepengids, die later goud wordt.

Ik luister in de ochtend veel naar Moeders Wil is Wet, de Groenteman, de Stem des Volks, de waterhoogten en het nieuws, allemaal favoriete programma’s van mijn moeder. Files waren er nog niet. Wanneer mijn moeder in huis aan het werk is luister ik naar Radio Veronica met Gout van Out, Cowboy Gerard, Lex Harding, Koffietijd met Tineke en de Jukebox met Joost den Draayer die op zaterdagmiddag ook de Top 40 doet. Op zondagmorgen, voor de kerk is er Men vraagt en wij draaien, met Frans Nienhuis: Goedemorgen, beste luistervrienden! ’s Avonds is er Suhandi of een ander exotisch programma met jazz of countrymuziek. Een zo gevarieerd aanbod hoor je nu nergens meer.

Ik kan mij niet herinneren dat ik het erg vind, zes weken thuis. Mijn moeder is streng, maar rechtvaardig en mijn vader is nogal goedig en soms opvliegend, dus daar valt allemaal goed mee te leven. Ik denk dat mijn omgeving het lastiger heeft met mij dan andersom.

Ik weet niet hoe het huiswerk is geregeld, maar ik doe wel dingen voor school. Misschien dat Cor Breur, Cees Vos, Aat van der Tas, Robbie van de Boom, Hans Schipper, Theo Bakker of Paul van Boven het komt brengen, maar ik kan mij daar niets van herinneren. Wendela Dikken, Jeanne Roodenburg, Marja Boet, Marja Kern en Marianne Hulsman zijn in ieder geval niet langs geweest. Wel weet ik dat Van der Velde, de leraar Engels, langskomt. Hij heeft een gehandicapte zoon, die later in het Dorp komt te wonen, dus hij kent het klappen van de zweep. Van hem leer ik de ‘th’ uitspreken en de gedichten van Robert Burns en John McCrae:

In Flanders fields the poppies blow
between the crosses, row on row
that mark our place, and in the sky
the larks, still bravely singing, fly
scarce heard amid the guns below

Ate Vegter, 23 maart 2020

1727

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s