1772 6 mei 2002

Ik weet nog precies waar ik was, die zesde mei aan het begin van de avond. Ik werkte in die tijd een dag per week als coördinator vrijwilligerswerk bij Verzorgingscentrum Eben Haëzer. Op donderdag was dat en op maandag keek ik na mijn gewone werk bij de gemeente Amsterdam alleen even of er nog dringend iets geregeld moest worden.

Ik kwam die maandag net uit de lift en liep langs de receptie toen de baliemedewerker riep: ‘Er is een aanslag gepleegd op Pim Fortuyn!’ Ik keek hem aan en hij knikte. Het was geen grap. Hij draaide de kleine televisie wat bij zodat ik mee kon kijken. Fortuyn (officieel Fortuijn) lag uitgestrekt op de grond met een hele batterij ambulancemedewerkers eromheen. Het zag er zeer ernstig uit. Ik keek even mee en ging toen snel naar huis om daar het verdere relaas te volgen. Toen ik thuiskwam was hij al dood, vermoord dus. Het was pal voor de verkiezingen. Ik zie hem nog zo voor me, terwijl hij ons vanuit de auto zwaaiend bezweert dat hij de volgende minister-president zal worden. Vergis je niet! Het had goed gekund. Ons land was er wel rijp voor. Hij zou nu 72 geweest zijn. Een glanzende politieke carrière achter de rug of hopeloos onderuitgegaan na aanvankelijk succes? Niemand zal het weten. Het is ongekend hoe Nederland er met hem zou hebben uitgezien.

Net zoals we Theo van Gogh moeten missen die tweeënhalf jaar later werd vermoord. Soms zie je zijn Een Prettig Gesprek met Pim Fortuyn nog wel eens terug. Ik geloof dat hij hem twee keer geïnterviewd heeft. Twee grootheden vermoord door twee kleingeestige zielen. Wapens geven mensen meer macht dan hen toekomt. Het is erger dan erg. Ik weet ook nog precies waar ik was toen Theo vermoord werd, ik was thuis, het was tot op dat moment geen bijzondere dag. ‘s Avonds maakten we samen een hoop teringherrie op de Dam als vlammend protest. Nooit mag geweld… nooit.

Ate Vegter, 7 mei 2020

2 Comments

  1. En zo is het. Onbegrijpelijk. Waar ik bij Pim was weet ik niet meer. Bij Theo was ik aan de overkant van de straat in het stadsdeelkantoor op de 1e verdieping waar mijn werkkamer was. Ik had de computer aangezet en wilde net mijn lenzen in gaan zetten. Ik hoorde een schreeuw en keek uit het raam. Vaag, als in een mist zag ik een gedaante, heftig op en neer bewegen met zijn arm in de richting van een ander gedaante, en hoorde dat geschreeuw. Mijn lichaam voelde aan alles dat hier iets goed mis was. Ik trilde en greep spontaan naar de telefoon waarmee ik zenuwachtig huilend aan mijn man -toen vriend- beschreef wat ik dacht te zien. Later hebben mijn vage beelden invulling gekregen. Ik was direct getuige van de moord op van Gogh.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s